|
De laatste kraagsteen in deze serie is weer een profeet (k132). Deze kraagsteen zit niet meer precies op de oorspronkelijke plaats, maar werd zo’n twee meter opgeschoven toen tijdens de restauratiewerken in 1882 de wand werd verbreed om aansluiting met de latere, bredere zuidbeuken mogelijk te maken. De kraagsteen heeft een karakteristieke kop van een baardeloze, blootshoofdse man met wild krullend haar en een even wild krullende lange snor. Hij houdt een banderol vast, waarop hij met een hand iets aanwijst. Er bestaat een grote overeenkomst met kraagsteen k127; slechts de details zijn verschillend. Een van de sculptuurfragmenten die in de late negentiende eeuw in de zuidbeukmuren werden gevonden, en door Lambert Hezenmans werden getekend, is een heel vergelijkbare kraagsteen onder een lijst.65 Het is een baardeloze figuur, géén engel, met een overmantel met mantelspeld. In de linker hand houdt hij vermoedelijk een afgebroken banderol vast en de rechter hand ontbreekt. Gezien de vindplaats en zou dit fragment heel goed bij de hiervoor besproken kraagstenen kunnen horen. | 58 |
| Noten | |
| 65. | Het fragment is niet meer te vinden in de bouwloods, maar werd geschetst door Hezenmans in de periode 1883-1885. De schets is bewaard in de Hezenmans-collectie van het Museum voor Religieuze Kunst te Uden, inv. nr. 2632A, Rackham 2003, 42. De schets werd door Hezenmans uitgewerkt in een collagetekening die door Mosmans werd gepubliceerd, Mosmans 1931, 43. |
Ronald Glaudemans, De Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550 (2017) 58
Ronald Glaudemans, De Sint-Jan te 's-Hertogenbosch : Bouwgeschiedenis en bouwsculptuur 1250-1550 (2017) 57
C. Peeters, De Sint Janskathedraal te 's-Hertogenbosch (1985) 287